De aanhouder

Na 3 seizoenen in het A-peloton was mijn erelijst nog blanco. Er zat wel een stijgende lijn in m’n uitslagen met tweede en derde plaatsen in het derde seizoen, maar het zoet der overwinning had ik nog niet mogen smaken. In 2012 zou het dan toch eens moeten gebeuren!

 

Tijdens de recente zomervakantie maakte ik echter een tussenbalans op; dit jaar zijn er nog slechts 4 wedstrijden te gaan en nog steeds niet gewonnen. In een groepssprint leg ik het af tegen de echt rappe mannen en anders liep ik in een ontsnapping wel op tegen renners als Teun en niet te vergeten veelvraat Peter. Hoe pak ik dat aan!?!? Vertrouwen houden en blijven proberen. Er zat weinig anders op.

 

Vertrouwen had ik dan ook toen ik woensdag naar de baan reed. Tijdens het inrijden op de baan zag ik de concurrentie binnendruppelen. Rinus, Peter, Teun, Jan-Paul, Mart. Shit. Meervoudige winnaars van het gevaarlijke soort. Samen goed voor zeker 100 overwinningen. Ik zal ze allemaal achter mij moeten houden om de bloemen in ontvangst te mogen nemen. Twijfel drong zich op. Snel terugschakelen naar het vertrouwen van eerder op de avond en uitgaan van eigen kracht.

 

Dan de koers. Er wordt vrijwel vanaf het begin pittig doorgereden. Afwisselend in vrij hoog tempo, kop-over-kop met het voltallige peloton (er zat een rondje bij met een gemiddelde van boven de 44km/u) en snedige aanvallen. De aanvallers krijgen geheel in lijn met de club-traditie echter geen ruimte.

 

Van mijn gebruikelijke voornemen om het eerste halfuur ‘rustig’ mee te fietsen, kwam, al even gebruikelijk, helemaal niets. Meespringen in allerlei ontsnappingen is kennelijk iets dwangmatigs. Maakt het koersen natuurlijk wel zo leuk. Niets mooiers dan deel uitmaken van de beslissende slag; in de welbekende bochten zien dat het peloton niet dichterbij komt en uiteindelijk helemaal niet meer tevoorschijn komt. Haast niets vervelender echter, dan in dat peloton zitten en ondanks alle inspanning, zien dat de kopgroep uit beeld verdwijnt….de slag gemist. Dat was in de eerste najaarswedstrijd nog het geval. Niet fijn.

 

 

Met nog 4 ronden te gaan valt het net voorbij het juryhok even stil, nadat een kortstondige vlucht opnieuw vakkundig is geëlimineerd. Lijkt me gevoelsmatig een mooi moment om nog eens te versnellen. Mark springt naar m’n wiel en na een kort moment van twijfel besluit ik toch door te trekken. Ik geef af en zie met een korte blik een aardig gaatje naar het peloton en één renner op komst. Het is Mart. Mart sluit aan en al snel draaien wij met z’n drieën goed rond. Bij de eerstvolgende gelegenheid om het achterland te monsteren, na het uitkomen van de binnenbocht, blijkt een serieus gat geslagen; we passeren elkaar terwijl het peloton net het bos uitkomt.

 

Met nog 3,5 ronden te gaan op pad met twee sterke locomotieven, dat biedt perspectief. We trekken vol door en begrijpen dat het tempo hoog moet blijven om vooruit te blijven. Mart en Mark nemen lange aflossingen voor hun rekening en ik probeer bij te dragen wat ik kan. Bij het volgende checkpunt, in de buitenbocht voor de finish blijkt de voorsprong gelijk gebleven. Nog 3 ronden. Ook bij 2,5 en 2 ronden voor het eind is de voorsprong niet gewijzigd. Een succesvolle ontsnapping lonkt. Het begint mij ook te dagen dat dit wel eens mijn kans op een overwinning zou kunnen zijn; in een sprint zou ik deze mannen toch moeten kunnen kloppen. Mart als zelfbenoemd strijkijzer, Mark als onbekende factor in een kleine groepssprint.

 

Met nog 1 ronde te gaan zien wij het peloton niet meer uit het bos komen; een geruststellende voorsprong. Nu is het voor mij zaak de kopgroep bij elkaar te houden. We blijven onze kopbeurten doen tot Mart op 2km voor de meet niet meer overneemt. Voorbode voor z’n aanval. Mark en ik blijven doordraaien en houden het tempo hoog. Klaar om de versnelling van Mart te beantwoorden. Op het lange eind naar de laatste bocht zet Mart aan, ik spring in z’n wiel. Mart kijkt om en houdt in. Het tempo zakt en het loeren is begonnen. De laatste bocht komt dichterbij. We komen op het punt waar Rinus altijd de sprint aangaat. Ik zet vol aan en ga met flinke snelheid de bocht in. Met een snelle blik aan het einde van de bocht zie ik Mark op 10 meter. Dat moet gaan lukken!! Ik schakel nog eens bij en stamp door naar de finish. Ik kijk nog een keer om en zie een beslissende voorsprong.

 

Winst! Het is gelukt! Bijna 4 jaar na mijn overwinningen bij het clubkampioenschap en omnium bij de B’s mag ik de handen weer in de lucht steken. Dat smaakt verdomd goed!

 

Eens te meer is gebleken dat de aanhouder wint…

 

Bas