De hand van god

door: Mart Dominicus     

                                                    

Toch een hele week gedacht met mijn misdaad weg te komen. Willard had er immers in al zijn goedheid geen officiële melding van gemaakt. Dat scheelde een slok op een borrel. Ik zag de koppen al voor me: 'Kersverse voorzitter direct in de fout!' en  'Dominicus met pek en veren alweer voorzitter af.' Zou zomaar kunnen. Want voordat  je het weet heb je tegenwoordig een colonne opstandige gele hesjes voor je deur. Gelukkig niets van dit alles.

 

Toch glij ik stap voor stap bij hem vandaan 
Tot de volgende cross, afgelopen zondag bij Olympia/Sloten. De geschiedenis leek zich feilloos te herhalen. Opnieuw kreeg ik een parcours naar mijn hart: hemelse modder. Opnieuw had ik een matige start, opnieuw naderde ik Willard naar het einde van de wedstrijd en opnieuw stak ik hem voorbij. Nieuw is dat ik het parcours, waarvan het afzetlint op veel plekken is stuk gereden, ditmaal voorbeeldig volg. Zó voorbeeldig dat je toeschouwers bijna hoort denken: 'Tjé, zou dat de voorzitter zijn?' Echt genieten van mijn voorbeeldfunctie zit er echter niet in, want Willard is een taaie, die geeft zich niet zonder slag of stoot gewonnen. Toch glij ik stap voor stap bij hem vandaan. Ben benieuwd hoe zijn reactie ditmaal zal zijn. Zou ik een diploma van goed gedrag krijgen? Bonuspunten? Of gewoon een dikke pakkerd? Met nog zo'n honderd meter te gaan, kijk ik over mijn schouder en zie dat Willard op respectabele afstand zit. Dit kan niet meer misgaan. Ik heb die gedachte amper toegelaten of ik schuif, bij zowat de laatste bocht van de koers, pardoes het lint in. En kom volkomen stil en vast te staan.


Tegen God ben je - met welk profiel ook - kansloos
Als ik vroeger weer eens kattenkwaad had uitgehaald en er prompt daarna iets misging, riep mijn moeder altijd: 'God straft onmiddellijk'. Dat deed hij nu ook, want wat zijn zeven dagen week binnen diens eeuwigheid.  Dit was ontegenzeggelijk de hand van God. Die tikte me voor mijn gedrag een week geleden alsnog genadeloos op mijn vingers. Want Willard kon door deze ingreep niet alleen weer in mijn wiel komen, God liet hem me op ook vlak voor de meet passeren. Hoewel ik baalde als een stekker, was er ook enige vorm van berusting. Van Willard had ik misschien kunnen winnen, tegen God ben je - met welk profiel ook - kansloos. Bovendien vond ik het ook wel een meesterzet: hetzelfde lint dat me vorige week zo'n gigantisch voordeel bracht, deed me nu de das om. Zoiets kan alleen een groot ziener bedenken.

Direct na afloop zocht ik Willard om hem te feliciteren. Je bent voorzitter of je bent het niet. Maar ik zag 'm niet meer. Die was waarschijnlijk een stuk doorgereden om in afzondering de blik dankbaar naar boven te richten. Hij moest er even op wachten, maar with a little help from a friend had het recht uiteindelijk grandioos gezegevierd.