Maismeel en Sagopulp

door: Jan-Maarten Deurvorst
(verslag Beverwijk B. - mylaps)

 


'Sorry. Zo was het niet bedoeld. Ik schaam me,' stamel ik.

Maar laten we bij het begin beginnen. Colombia

In een maand tijd één keer gefietst. Een rondje onverhard bij Villa de Leyva.

Twee keer een steile helling, een waterval en het Terra Cotta huis: tot in de kleinste details geboetseerd, tot en met de trapleuningen aan toe, door een lokale kunstenaar. Uit roodachtige leem.

O ja, en ik was ook nog een paar dagen in Bogota en wat bergdorpjes daaromheen. Dat ligt toch op bijna 2800 meter. Het was maar een dag of 3. Maar toch?

Wellicht is het leuk om hier een kleine anekdote te vertellen. Een paar jaar geleden was ik op fietsreis met bevriende Trappisten. Op gegeven moment ging ik op een stoel staan. Marlin of Jan vroeg wat ik aan het doen was. Ik grapte dat ik op hoogtestage was. Mijn betoog was dat ik daardoor net iets meer rode bloedlichaampjes aan zou maken dan hen. Dat beetje extra zuurstof in mijn bloed zou de volgende dag het verschil maken. Jan en Marlin keken boos van zoveel onzin. “Een hoogtestage haalt alleen wat uit als je twee weken boven de 2000 meter vertoeft. Niet op een stoel bij de keukentafel.” En zo was het en niet anders. Misschien haal ik vandaag toch mijn gelijk.

De koers op Beverwijk was nog wel aardig begonnen. Mijn buurman Pim deed mee. En wat was die actief zeg. De ene demarrage na de andere van Pim. En dan ook nog het gat dichtrijden wanneer hij een keer niet mee was. Wat een kanjer. Wat niemand weet is dat Pim ooit reserve stond voor de Olympische Spelen. Met roeien. De twee zonder stuurman als ik het goed heb. Hij was weken in het Olympisch Dorp in Atlanta, maar was uiteindelijk niet nodig.

Halverwege koers: 4 mannen rijden weg. Alle vier zijn geheel in het zwart gekleed. Zwart de kleur van onoverwinnelijkheid en de Dood. Jasper, Theo, Michel. Mijn benen lopen vol bij het idee dat ik er heen moet. Wat een power daarvoor. Dit is de slag, weet ik.

Het peloton spat in deeltjes uiteen. Ik ben de laatste scherf. Kansloos.

En ik. Het is mijn eerste koers bij de B. Dus ik moet wat laten zien. Ik spuit een keer weg. Althans dat dacht ik in mijn Arrogante A-wijsheid. Ik krijg nog geen meter. Misschien probeer ik het nog een keer. Het is drie keer niks. Mijn benen zitten vol met Colombiaans maismeel en sagopulp.

Wel logeerde ik in Colombia nog in het buurdorp van Nairo Quintana. De hotel-eigenaresse kende zijn ouders: campesinos. Arme mensen met een ezel en een paar hectare mais en wat bananenbomen.

Maar dan gebeurt er een wonder: Z rijdt dicht op Y, Y rijdt dicht op X, X rijdt dicht op W, W op V, Volg je het nog. Ik zit weer in het peloton die tegelijkertijd ook de kopgroep is geworden en de bus.

Colombia is ook heet. Dag en nacht heb je een dun dekentje over je van zweet. Wat je ook aanraakt, het wordt nat. Ook als je een ander aanraakt word je nat. En als je een stang vastpakt in de bus. Of de rug van de taxichauffer. Per ongeluk. Alles is nat en klam. Ik ben een kei geworden in zweten en warmte verdragen. Hitte is mijn nieuwe vriend.

Koersen is ook kinderachtig eigenlijk. Al die fanatieke mannetjes die allemaal doen alsof hun leven er van afhangt. En de kinderachtigste ben ik. Soms hoor ik mezelf schreeuwen van “overnemen”, of “geen gat laten valen” of zelfs: “idioot.” Vandaag niet. Ik ben afgezakt tot het allerlaagste niveau. Ik ben een brok fietsellende. Volgens mij is mijn spierkracht in de min. Als dat kan, is het zo. Ik kan niet eens meekomen met de laagste categorie: de B. Soms vraag ik me af: wordt er ergens in Nederland op nog lager niveau gekoerst? Ik betwijfel het.

De koers ligt nu stil Het is nog zes ronden. Niemand heeft meer zin. Ik hoor Mart, Jan en Bert schreeuwen vanaf de kant. “Naar voren Dikzak.” Wenend zet ik nog een keer aan. Huh. WTF. Ik ben alleen. Laat ik dan maar effe doorzetten. Hups de bocht door. Godverdomme wat is het heet. En zo hard mogelijk afdalen. Niet bang zijn voor de bochten. Je kan overal doortrappen.

We zijn dan met zijn drieen. Nu komt wat poezie:

Los

Groeiend gat

Niks doen.

Nog beetje huilen.

Zwart hemd sluit aan.

Kom op krullebol (Mart)

Peloton op 5 meter.

Meer zweten.

Rieks zet aan.

Niet overnemen Deur. Blijven zitten

Neen niet naar voren.

Pas als je meet zit.     (Pas als je de meet ziet.)

Winst

Sorry.

Onverdiend.

Totaal onverdiend.

Marlin durf ik niet onder ogen te komen.

Ik zei ooit: ik heb gewonnen.

Toen zei Marlin: bij de B zeker.

Op Beverwijk. Nou goed!