Een bos verse ruikers

door: Ivo Rigter

(verslag koppeltijdrit 21 augustus 2020, mylaps


Tijdrijden is een bijzondere discipline die een flink deel van de wedstrijdkleppers liever overslaat. Saai. En pijnlijk ook. Voor mij als tactisch onbenul is het een uitkomst. Gewoon zo hard mogelijk fietsen, maar ook weer niet te hard. Wat kan je daaraan nou verkloten? Ik kreeg het in de Eerste FC Trappist Tijdrittraining op 3 juni 2020 toch voor elkaar. Mart, die na mij startte, dacht dat ik een grap maakte toen hij mijn hoofd uit de bosjes zag opdoemen. Maar ik was toch echt uit de eerste bocht naar links gevlogen. Over de kop en vol met m’n waffel in de brandnetels. Een hoofd als een krentenbol en een gekneusde rib was de -gelukkig beperkte- schade. Blijkbaar toch teveel nagedacht. Dat zou me niet nog eens overkomen!

Met dank aan WVA wist de wedstrijdcommissie de Koppeltijdrit dit jaar nog leuker te maken. En makkelijker. Leuker omdat het dicht bij huis is, en met een open kantine bovendien. Makkelijker omdat het parcours van Sloten in het geheel geen echte bochten kent. Ideaal!

Een verkennend trainingsrondje leerde ons dat hier iets te halen viel. Een podiumplek misschien wel.

“Waar zijn de stopwatches?”, appt Jan-Maarten in de groepsapp van de wedstrijdcommissie. Die zouden in “de box” moeten zitten. De box, zo weet ik sinds kort, is een plastic box waarin allerlei voorwerpen zitten die bij de voorbereiding van een wedstrijd van pas komen: rugnummers, clipboards, een doosje pleisters, inschrijfformulieren, een vlag van FC Trappist en veel pennen. Maar stopwatches? Ho maar!

Gelukkig gaat de tijdregistratie met Mylaps en zijn de Lapsers van dienst Djoen en Peter geen groentjes. Bovendien zijn Manja en Leon er, de meest ervaren juryleden die desnoods zonder stopwatch de scherpste tijd klokken.

Als ik om 18.00 uur aankom, is het juryhok en de kantine van WVA open en is er zelfs al een Trappist aan het warm rijden. Binnen pruttelt de koffie en heeft Manja zich geïnstalleerd aan de inschrijftafel. Na een paar rondjes inrijden met Hugo blijkt dat de opkomst goed is: maar liefst 12 koppels hebben zich aangemeld. Het weer is top, de sfeer nog beter. Wat kan er nou misgaan?

We mogen starten als derde, na het dreamteam Mike/Cyril en na Peter Giljam, in 2019 winnaar van de individuele en de koppeltijdrit. Hij rijdt dit keer met Jasper, die zo gestroomlijnd op de fiets zit dat het een beetje intimideert.

Tijdens de race doen we wat de bedoeling is: zo hard mogelijk fietsen, maar ook weer niet te hard. De aflossingen gaan goed. Hugo pakt ‘de heuvel’ omdat hij wat meer kracht heeft, en ik neem telkens het stuk tegenwind richting finish. Met nog drie ronden te gaan nemen we iets gas terug, om de laatste twee vol door te trekken. De meeste koppels hebben we ingehaald. Mike/Cyril zitten al aan de chocomel als we bij de kantine komen uitpuffen. Dat koppel zullen we wel niet verschalkt hebben. Toch, als Mike rept over een gebroken derailleurkabel, gloort er een sprankje hoop.

We hebben Mylaps, dus er zal wel snel een uitslag zijn, denk ik als Lapsleek; er kan weinig misgaan. De sfeer blijft top en er is alleen wat materiaalmalheur. Peter Turk rijdt lek en Piet moet het meeste alleen opknappen. En die kabel van Mike. En nog iets met bloemen…

Zo zo, er wordt toch druk gepuzzeld in het juryhok. Djoen zwoegt, Peter assisteert. Manja erbij. Doordat er veel is ingehaald, blijken de handkloktijden een Gordiaanse knoop die zelfs zij niet kan ontwarren. Vlak voor de schemer weet Jan-Maarten een voorlopige uitslag te melden. Mike/Cyrill zijn nummer 1, natuurlijk. Had ik ook wel gedacht. De broers Van Straten rijden een straffe tijd en zijn de beste B’s. Voorlopig dan. “Verzorgen jullie de bloemen netjes? Want straks moeten jullie ze aan ons afgeven”, grappen we nog tegen Mike en Cyril. Cyril meent dat de bloemen in betere handen zijn bij Manja. Op de website staat zelfs een mooie foto met een officieel ogend overdrachtsmoment.

Koppeltijdrit 2020 is hoe dan ook een succes, al ging er toch iets mis. De volgende dag blijken er vier bossen in -nou ja- ‘verkeerde’ handen terecht te zijn gekomen. Toch gewonnen! Ik wist het!

De Mylapsers hebben er veel van geleerd. Zit ‘m in de instellingen, naar het schijnt. Ideeën om het handklokken op een circuit te vergemakkelijken zijn ook nog welkom bij de jury.

En de onjuist gelauwerden? Van Cyril mag ik niet verwachten de bos bloemen bij Manja terug te halen. Tijdsverloop en vervoer per rugzak zullen de bos van Mike er ook niet mooier op hebben gemaakt. Ik heb een beter idee, opgedaan na mijn tuimelperte begin juni. In de eerste bocht van het circuit staan prachtige brandnetels. Met een beetje geluk staan ze in bloei. Koppel Hugo/Ivo zal  zo’n bos verse ‘ruikers’ met plezier in ontvangst nemen!