Profielen TV22: Marlin Burkunk

Wat is je voor- en achternaam?
Marlin Burkunk
Wat is je social media-account ?
Insta: https://www.instagram.com/burijn/ Blog: www.burkunk.nl
Hoe lang fiets je al bij de Trappist en hoe zou je de club in één zin karakteriseren?
Volgens mij zo’n 17 jaar. Mijn hemel. De tijd vliegt. In 2005 maakte ik in juni mijn debuut bij de B. en werd meteen clubkampioen. Daarna ging ik bij de A. rijden. Toen werd ik ook al snel lid bij ARC Ulysses omdat ik daar een B-licentie kon aanvragen. Om deel te nemen aan de regionale cross-wedstrijden in de winter. FC Trappist is een wilde fietsvereniging en in die zin kun je niets met het lidmaatschap in het officiële circuit. Ulysses was wat dat betreft een professionele club. Alleen wel allemaal van die monomane, bloedfanatieke en serieuze renners en een criteriumachtig circuit. Leuk als leerschool, dacht ik toen. De Trappist is natuurlijk anders. Die club heeft een warm plaatsje in mijn wielerhart. Het is de meest a-typische wielrenvereniging van de wereld, met voornamelijk renners die (te) laat zijn begonnen met fietsen en hun eigen vorm kiezen om de wielrensport te kunnen beoefenen. Dat non-conformisme vind ik fantastisch maar soms ook irritant. Bijv. een koppeltijdrit organiseren waarbij het keerpunt op de verkeerde plaats staat en alle deelnemers amechtig zoeken naar de juiste positie om te keren. Dat is typisch de FCTrappist. Een circus van gekken. Ik noem verder geen namen. En eigenlijk moet ik er wel weer ontzettend hard om lachen. Zoiets maak je nergens mee.
Op welke overwinning/prestatie uit je wielerverleden (race of toer) ben je het meest trots en waarom?
Ik reed begin jaren ’10 samen met Rinus de ‘Omloop Nes a/d Amstel’: een ‘echte’ KNWU-wedstrijd. Ik kwam met Rinus in een kopgroep en wist het peloton voor te blijven. Ik finishte als 5-de en mocht bij de KNWU-bus, met zo’n wedstrijdcommissaris in blauwe blazer, een envelop ophalen van 25 euro. Toen voelde ik mij een echte renner. Het was natuurlijk geen podium maar het was wel een serieus deelnemersveld – niet dat zooitje ongeregeld bij de FC Trappist. Het was ook meteen de laatste KNWU-wegwedstrijd die ik gereden heb. Sindsdien zit ik weer in de mickey-mouse competitie van de FC-Trappist.
Wat zijn je ambities voor de TV22
Top15, meer zit er niet in met mijn postuur.
Heb je nog een speciale strategie waarmee je de 3 etappes gaat benaderen?
In de Cevennen heb ik op de eerste Col (La Vigne) van de Koninginnenrit lopen harken om puur op kracht bij Jan en Djoen te blijven. Forceren mag namelijk op de eerste col, zegt Tim Krabbé. De gedachte was dat ik dan in het kopgroepje makkelijker de hoogvlakte zou overleven. Na 5 km sloot het hele peloton aan; ik had net zo goed in mijn eigen tempo die berg op kunnen rijden. Dan was ik ook in die groep beland. Nou ja: eigenlijk wil ik zeggen: elke strategie pakt altijd anders uit en de slimme renner bestaat niet. Ik zoek het meer in een goede voorbereiding. En dat betekent dit keer niet te veel in het rood trainen en veel vet verbranden. Alleen maar afvallen. Ik weeg nu 93 kg en ik wil 88 kg zijn in juli. Een verschrikkelijk doel: 5 kilo in een maand. Alsof ik word verbannen naar Siberië.
Wat is je gewicht en je voedingsschema?
93 kg. Ik drink geen speciaal bier meer door-de-weeks.
Wie is je angstgegner?
Theo van der Neut. In de Cevennen in de eerste etappe heb ik hem losgereden door steeds te demarreren en alles op een lint te trekken, meteen na de eerste col. Dat vond hij heel vervelend. In Etappe 2 kwamen we elkaar weer halverwege tegen. Dat was komisch want hij ging meteen op het vlakke in mijn wiel hangen en zei: dat flik je me geen tweede keer. Ik mag Theo erg graag, we hebben altijd hele persoonlijke gesprekken van en naar de koers. Maar volgens Lance Armstrong moet je je tegenstander haten anders win je niet van hem. Bij Theo lukt me dat niet. Mentaal ben ik dus eigenlijk te zwak voor zo’n koers in de bergen.
Wat is je geheim achter je succes?
Een ongelukkige jeugd.
Wie zijn je reisgenoten, houden zij van fietsen en hoe kenmerken zij de Trappist-sfeer?
Ik kom met mijn vrouw Irene en Marthijn Licher slaapt bij ons in de hut als een verloren zoon. Mijn vrouw heeft een hekel aan de meeste Trappisten: zij stinken en ze zijn alleen maar met zichzelf bezig. Daar heeft ze natuurlijk wel gelijk in. Bovendien is zij sowieso volledig klaar met mijn hobby omdat ik het afgelopen jaar drie fietsongelukken heb gehad. Arm uit de kom, vleeswond op mijn knie, gebroken rib en gescheurde lange bicepspees. Ze verklaart mij voor gek dat ik toch weer op die fiets kruip. En ik zelf vraag me ook weleens af wat mij bezielt. Ik overweeg overdekt dammen… maar eerst nog even de 3-daagse met de Trappist.
Heb je nog een opmerking voor de organisatie of voor alle deelnemers?
Het is werkelijk een fantastisch evenement geworden. Chapeau aan de Vijf Vossen! En aan iedereen: hou het heel en neem geen onnodige risico’s. Jack wint toch alle onderdelen. Het is een gelopen koers.